Heilige huisjes afbreken – overtuigingen in de studiekeuzespreekkamer
"Niet doorgaan met studeren is tijd verspillen", zegt de studente die voor me zit. Ze heeft net ruimschoots verteld over hoe ze steeds duidelijker merkt dat de studie niet passend is voor haar. Haar uitspraak is voor mij een triggermoment, want het lijkt alsof hier ineens iemand anders aan het woord is: een ouder, voorouder, buurman. Dat is zowel te merken aan de inhoud van de uitspraak – hij volgt niet logisch uit de rest van haar verhaal – als aan de vertelstem: terwijl de rest van het verhaal gedifferentieerd is, is deze uitspraak geformuleerd als een tegeltjeswijsheid.
Het openbreken van overtuigingen vraagt dus om precisiewerk en fingerspitzengefühl
Iedereen die mensen begeleidt (of zo nu en dan met een medemens in gesprek gaat) zal ze kennen: overtuigingen waarvan we de sterke indruk hebben dat de spreker ze niet zelf heeft verworven maar heeft overgenomen uit zijn omgeving. De logische (en confronterende) gevolgtrekking is dat we zelf ook heel regelmatig dit soort uitspraken doen. En omdat ze zo diepgeworteld zijn, hebben we meestal niet door dat het geen natuurwetten zijn maar aangeleerde overtuigingen.
Vertrouwde veiligheid
Ik denk dat een van de mooiste dingen die we voor elkaar kunnen betekenen is elkaar helpen vastgeroeste overtuigingen wat losser te maken, zodat we ze kunnen bevragen en zelf kunnen kiezen of we ze willen behouden of overboord gooien. Maar dat is mijn academische mening, want in het praktische leven komt de dankbaarheid die ik voor mijn gesprekspartner in dit soort momenten voel met enige (dan wel grote) vertraging. Want, ook als een overtuiging beperkend is, geeft ze toch een vertrouwde veiligheid: een heilig huisje om in te schuilen in een nogal onvoorspelbaar leven. Mijn eerste reactie is dan ook meestal verbouwereerdheid.
Als studiekeuzeadviseur voel ik me verantwoordelijk voor het aanspreken van mensen op hun beperkende overtuigingen, want ze kunnen enorm in de weg zitten bij het nemen van een eigen beslissing. Tegelijkertijd merk ik hoe snel ik het contact verlies als ik hierin te grote stappen neem. Het openbreken van overtuigingen vraagt dus om precisiewerk en fingerspitzengefühl. Ik heb de afgelopen jaren met allerlei soorten reacties geëxperimenteerd, waarbij sommige gemiddeld beter werken dan andere.

Ervaringen
Wat meestal niet werkt is tegen een overtuiging aan praten en beredeneren waarom de uitspraak niet (helemaal) kloppend is. Ik kan me voorstellen dat dat voor de ander kan voelen als een aanval op het heilige huisje, en dat hij/ zij zich dan schrap zet, klaar om het huisje te beschermen.
Na een aantal ervaringen waarin ik tijdens een gesprek hard aan het werk was maar de ander waarschijnlijk met precies dezelfde overtuigingen de gespreksruimte verliet, kwam ik toevallig het werk van praktisch filosoof Ariane van Heijningen tegen. Wat ik daarvan leerde is met een open en nieuwsgierige houding te focussen op de precieze woorden van de ander. Sindsdien schrijf ik uitspraken waar overtuigingen achter schuilgaan op en vraag de student dan letterlijk wat hij of zij ermee bedoelt, een vraag die ik zoveel mogelijk zonder waardeoordeel formuleer, vanuit nieuwsgierigheid naar wat er gaat komen.
In het geval van de studente aan het begin van deze blog vroeg ik dus "Wat is tijd verspillen voor jou?". Door hardop hierop te reflecteren, kwam ze zelf tot de conclusie dat doorgaan met een studie die niet meer bij haar past voor háár tijd verspillen is. Het tegenovergestelde dus van de overtuiging die ze in het begin van ons gesprek formuleerde. Ik blikte toen blij terug op het gesprek, omdat het gelukt was om denkruimte voor de ander te openen, wat tot een eigen beslissing leidde.
soms is die ruimte er niet of ben ik voor de ander niet de juiste persoon
Kanttekeningen
Werkt dit altijd? Natuurlijk niet. De ander moet open staan voor dit onderzoek, soms is die ruimte er niet of ben ik voor de ander niet de juiste persoon. De aanbeveling van Ariana van Heijningen is dan ook om toestemming te vragen voor het onderzoek naar overtuigingen, zeker als het bevragen wat verder gaat dan in het fragment hierboven.
En soms verlaat ik ondanks deze wijsheid de neutrale, onderzoekende houding en zeg ik alsnog dat ik iets anders zie. Misschien is dat een oude gewoonte die erin sluipt, een diepgewortelde (beperkende) overtuiging of een terechte intuïtie dat het soms goed is als medemens in plaats van enkel als coach te reageren. Ik weet het niet, laat ik dat de komende tijd verder onderzoeken met behulp van de praktische filosofie en mensen die me hierop willen bevragen. Wie wil? (Ik zal heus proberen dankbaar te zijn.)
Leestip:
Ariane van Heijningen (2024). Goed bedoeld moeilijk maken. Hét boek voor coaches en iedereen die het lef heeft levensveranderende gesprekken te voeren. Boom.

Anne Ribbert
Studiekeuzeadviseur


