Terug naar Onderwijsgevend

Competentiegerichte ontwikkeling

Hogescholen hanteren veelal een competentieprofiel voor hbo docenten met daaraan de diverse docentrollen gekoppeld: docent, leerplanontwikkelaar, toetsontwikkelaar, studieloopbaan begeleider, coach/supervisor, onderzoeker en coördinator. Pedagogischdidactische vaardigheden vormen een onderdeel van de competenties die een docent moet bezitten. De diepgang aan kennis en vaardigheden is afhankelijk van de rol(len) die hij of zij moet uitvoeren.

Alle medewerkers op een hogeschool zijn als professional zelf mede verantwoordelijk voor hun na- en bijscholing. Door de competenties waarover zij beschikken te vergelijken met de competenties die zij nog moeten ontwikkelen, kunnen docenten samen met hun leidinggevende een overzicht maken van ontbrekende kennis en vaardigheden. Daarnaast moeten docenten uiteraard kennisnemen van nieuwe ontwikkelingen in het eigen vakgebied.

Om die competentiegerichte ontwikkeling vorm te geven, werken hogescholen voor hun medewerkers met een Persoonlijke Ontwikkel Plan (POP). Een POP behelst in brede zin alle afspraken tussen de hogeschool en de medewerker over scholing en deskundigheidsbevordering in een gemotiveerd loopbaanperspectief dat past bij het belang van de medewerker en dat van de hogeschool. Voortgang en bijstelling van een POP wordt besproken in de gesprekken tussen leidinggevende en de medewerker binnen de kaders van de op hogeschoolniveau afgesproken regeling voor functionering- en beoordelingsgesprekken. Hogescholen bieden ruime faciliteiten voor verdere ontwikkeling van de (startende) docent.